Studie
In de propedeuse maak je kennis met alle aspecten van je toekomstige werkveld en het beroep van de sportdocent, zodat je kunt beoordelen of je een goede keuze hebt gemaakt. In de hoofdfase verschuift het accent van je uitvoerende competenties naar jouw organisatorische en leidinggevende competenties.
| Propedeuse |
Jaar 1 |
- Ik
- Bewegen in een pedagogisch klimaat
- Leren bewegen
- Stage – microteach
|
| Hoofdfase |
Jaar 2 |
- Ik en de ander
- Ontwikkeling van het kind en diversiteit
- Onderwijs geven in bewegen
- Stage – complete les
|
| Jaar 3 |
- Ik en mijn professionaliteit
- Vakwerkplan
- Ontwikkelen van bewegingsonderwijs
- Stage - planmatig bewegingsonderwijs en sportstimulering
|
| Jaar 4 |
- Onderzoek
- Verdieping en verbreding met minors
- Afstudeerwerkstuk
|
Alle jaren – behalve het laatste – volg je gelijktijdig vier leerlijnen: studieloopbaanbegeleiding, theorie van het bewegingsonderwijs, didactiek van het bewegingsonderwijs en de beroepspraktijk.
In blok 4 richt je je op een project. Op basis van de theorie, praktijklessen en stage-ervaringen uit de eerste drie blokken maak je in een groep een projectopdracht. In jaar 1 is dit het project Bewegingsonderwijs leersituatie. Hiervoor maak je een theoretisch onderbouwde les die je ook in een presentatie moet kunnen verantwoorden. In jaar 2 is dit een Lessenserie en in jaar 3 is dit het project Vakwerkplan.