Stage en praktijkervaring
Wat voor veel beroepen geldt, maar in het bijzonder voor een van de sociale professies, is dat je het vak alleen leert door veel te oefenen. Daarom zijn stages, net als het projectonderwijs, belangrijk in de opleiding. Tijdens de propedeuse besteed je gedurende 2 x 2 weken aaneengesloten op dinsdag t/m donderdag tijd aan de werkveldverkenning. Per periode word je gekoppeld aan een instelling in het werkveld. Je maakt dan kennis met twee verschillende werkvelden. In het tweede jaar bereid je je voor op de derdejaars stage, met (onder meer) werkbezoeken bij instellingen waar je mogelijk stage wilt lopen.
Tijdens de derdejaars stage ben je het hele studiejaar door, vier dagen per week aan het werk, en ben je één dag per week op school voor het volgen van ondersteunend onderwijs. Aan het eind van deze stage ben je in staat om zelfstandig te functioneren binnen een instelling en hulp te verlenen. Het is mogelijk om deze stage in het buitenland te lopen.