De Haagse Hogeschool Research & Development

Studiemiddag: De toekomst van studieloopbaanbegeleiding in het hbo

Op maandag 31 mei 2010 organiseerde het Lectoraat Pedagogiek van de Beroepsvorming van De Haagse Hogeschool een studiemiddag over de toekomst van studieloopbaanbegeleiding in het hbo.

Het hoger beroepsonderwijs is nog in hoge mate op een traditionele leest geschoeid (theorie- en aanbodgericht), dit ondanks veel retoriek waarin de eigen verantwoordelijkheid van de studenten wordt benadrukt. Veel studenten weten zich door hun opleiding resp. docenten verantwoordelijk gemaakt maar voelen zich daarin wel alleen gelaten of geven aan dat docenten hen uiteindelijk toch voorschrijven hoe zij hun eigen verantwoordelijkheid moeten invullen.

Deze conclusie kan worden getrokken uit een onderzoek onder bijna 5000 studenten en 400 studieloopbaanbegeleiders in Nederland. De resultaten zijn in 2009 gepubliceerd in het rapport Studieloopbaanbegeleiding in het hbo: mogelijkheden en grenzen (verkrijgbaar bij De Haagse Hogeschool). Uit het onderzoek blijkt bovendien:

  • Naarmate studenten méér werkmogelijkheden onderzoeken en méér weloverwogen keuzes maken en acties ondernemen om werk en leren aan te laten sluiten bij eigen kwaliteiten en motieven en bij uitdagingen in werk, ze gemotiveerder zijn voor de opleiding en ook zekerder zijn wat betreft de gemaakte keuzes in hun studieloopbaan. Echter, studenten in het hoger beroepsonderwijs ontwikkelen nauwelijks dergelijke loopbaancompetenties. Toch blijkt dat in opleidingen waar meer sprake is van een loopbaangerichte begeleiding, studenten meer loopbaancompetenties gebruiken.
  • Een loopbaangerichte begeleiding zien we nog maar weinig in het hbo. De helft van de studenten geeft aan dat ze weinig tot geen invloed hebben op de inhoud van het gesprek met de studieloopbaanbegeleider. Deze laatsten geven vaker informatie geven dan dat zij de student in staat stellen tot nadenken over en handelen met betrekking tot de eigen loopbaan.
  • Studieloopbaanbegeleiders zijn van mening dat er binnen hun opleiding weinig draagvlak bestaat voor studieloopbaanbegeleiding. Naarmate studieloopbaanbegeleiders meer draagvlak en draagkracht ervaren en meer in een situatie werken waarin op het gebied van studieloopbaanbegeleiding samenwerking is met het bedrijfsleven, zijn ze geneigd meer reflectieve en actief-makende gesprekken met de studenten te voeren. En dat draagt weer bij aan loopbaancomptenties van studenten.

De vraag is: hoe nu verder? Dus: niet kijken wat er niet is maar naar wat er wel kan. Sinds de uitkomsten van het hbo-onderzoek zijn gepubliceerd hebben we enkele ‘good practices’ geanalyseerd en zijn verschillende experimenten gestart om de bestaande studieloopbaanbegeleidingspraktijk te verbeteren.



print | sitemap | abc-index | disclaimer | beheer
      Volg ons op Twitter Volg ons op LinkedIn Volg ons op Hyves Volg ons op Facebook Volg ons op Youtube