Mentoring
Wat is het Mentorproject?
Het Mentorproject heeft als doel leerlingen van het voortgezet onderwijs te begeleiden naar een bewuste studiekeuze. De doelgroep bestaat uit eerstegeneratiestudenten. Dit zijn studenten die als eerste binnen hun gezin naar het hoger onderwijs gaat. Mentoren zijn studenten van de Haagse Hogeschool. Tweewekelijks hebben zij contact met hun mentee. Mentoring blijkt te voorzien in een algemene behoefte; een groot deel van de scholieren weet in de eindfase van de middelbare school nog niet of en wat hij/zij wil gaan studeren. Leerlingen die onvoldoende kunnen terugvallen op hun eigen omgeving hebben vaker behoefte aan begeleiding. Door middel van individuele gesprekken (counselend & ondersteunend), formele activiteiten (open dagen bezoeken, bezoeken aan het loopbaancentrum, contact met een beroepsbeoefenaar etc.), informele activiteiten (koppelings- en slotbijeenkomst, gezamenlijke uitstapjes), krijgt het project vorm en inhoud.
Welke scholen doen mee aan het mentorproject?
Op dit moment participeren de volgende scholen en opleidingen in het mentorproject:
Mentees kunnen zich sinds 2008 tevens individueel aanmelden voor het mentorproject. Dit betekent dat het project ook leerlingen van scholen die niet zijn aangesloten de mogelijkheid biedt om begeleid te worden. Zij kunnen zich aanmelden tijdens Open Dagen.
In 2008-2009 werden 170 leerlingen (mentees) begeleid door 106 mentoren. Ambitie is om in het studiejaar 2009-2010 250 scholieren te begeleiden in nauwe samenwerking met 6 havo-scholen en 9 mbo-opleidingen.
Wie zijn de mentoren?
Mentoring is een hogeschoolbrede keuzemodule, waarmee 3 studiepunten verdiend kunnen worden. Studentmentoren zijn afkomstig vanuit alle academies van De Haagse Hogeschool. Van hen wordt verlangd dat ze de eigen studie op de rails hebben. Zo moeten ze minstens in het tweede jaar van hun studie zitten. De mentoren volgen een training en krijgen daarnaast deskundigheidsbevorderende bijeenkomsten. Ze leren coachen, plannen, voorlichting geven en presentaties houden. Gedurende het trajectc ontwikkelen de studenten competenties die zij niet direct opdoen binnen hun studie. Zo werkt het project twee kanten op: de scholieren krijgen begeleiding en de studenten vergroten hun meerwaarde op de arbeidsmarkt.