Kinderen laten voelen dat zij ertoe doen

Het verhaal van Aschraf Amri


Aschraf Amri Kan Jij ook

Leraar worden in het basisonderwijs. Daar droomde Aschraf Amri (27) in groep 6 al van. Zijn vrienden wilden piloot worden, of politieman. Maar Aschraf wist dat er geen mooiere baan bestaat bestond dan basisschoolleraar. Dat zag hij aan zijn eigen leerkracht. “Een toffe man die goed kon uitleggen en er altijd voor ons was. We konden bij hem terecht met problemen én grappen. Dat wilde ik ook: verschil maken in het leven van kinderen.”

Zo gezegd, zo gedaan

“Ja, direct na de havo ben ik naar de PABO gegaan,” vertelt Aschraf. “Ik was zeventien en kwam in een klas terecht met elf jongens. Zes van hen zijn gestopt na de eerste stageweek. Zij vonden het lastig om met kleuters te werken. Ik ook hoor, maar ik zette door. Vastberaden om mijn droom te verwezenlijken. Uiteindelijk ben ik als enige jongen van mijn jaar afgestudeerd aan de PABO van De Haagse. Een groot voordeel, want het is voor kinderen bijzonder om een man als meester te hebben.”

Hoe ben jij als meester?

“Heel consequent. Ik geef nu les aan groep 6 van De Kameleon in Den Haag. Kinderen weten bij mij precies waar ze aan toe zijn. De regels zijn duidelijk. We zorgen voor elkaar. We hebben respect voor elkaar. En we dragen bij aan elkaars ontwikkeling. Binnen die regels is veel mogelijk. Ik stoei met de kinderen, we maken ontzettend veel grappen en ik zorg dat iedereen zich fijn voelt. Dat begint al met de naamgeving. We noemen elkaar geen klasgenoten, maar broertjes en zusjes.”

 In mijn klas noemen we elkaar geen klasgenoten, maar broertjes en zusjes

En werkt dat?

“Ja, heel goed! Ik zie mijn groep als mijn familie. Vanuit dat veilige gevoel kun je bouwen aan verantwoordelijkheid en zelfvertrouwen. Laatst begon een meisje bijvoorbeeld te huilen tijdens een presentatie. Dan is er niemand die lacht. Haar vriendinnen komen juist naar haar toe om te vragen of het gaat. Kinderen hebben een veilig klimaat nodig om zich te durven ontwikkelen. Forceren heeft geen zin. Motiveren en belonen wel. En laten weten dat ze altijd bij jou terecht kunnen.” 

Je bent er dus echt voor je leerlingen

“Zo vaak en zo veel mogelijk. Ik probeer elke dag iets extra’s te doen. De reguliere lessen uitbouwen met filmpjes, games of andere lesmaterialen. Nieuwe samenwerkingsvormen uitproberen. Lekker vaak op excursie gaan. Of de les compleet anders inrichten dan ze gewend zijn. Als leraar is het belangrijk om voorspelbaar te zijn, maar soms moet je de boel juist loslaten. Zo hebben we een keer overnacht in ons schoolgebouw. Er was één regel: we mochten niet slapen.”

Overnachten in een schoolgebouw zonder te slapen: waarom niet?

Wow, dat dat kan bij jullie!

“Ja, dat is te gek. Maar ik was wel gesloopt hoor. We hebben de hele nacht verstoppertje gespeeld en film gekeken. Maar kinderen zijn zo dankbaar na zo’n belevenis. Daar doe ik het voor. Weet je wat het allermooiste compliment is? Er komen regelmatig oud-leerlingen bij mij op bezoek, die nu al lang op de middelbare school zitten. Gewoon even hoi zeggen, zeggen ze dan. Maar ik weet beter: ik heb voor hen het verschil gemaakt zoals mijn leraar vroeger voor mij.”