Bestuurskunde / Overheidsmanagement - Duaal

Zorgen dat de ouderenzorg in Nederland beter georganiseerd wordt. Dat zou zomaar eens jouw taak kunnen zijn als je straks als bestuurskundige aan de slag gaat! Bestuurskundigen dragen bij aan het oplossen van maatschappelijke vraagstukken. Grote vraagstukken zoals klimaatverandering, maar ook lokale problemen: overlast van hangjongeren op het basketbalpleintje om de hoek, bijvoorbeeld. Je leert vooral in de praktijk. Zodat je straks problemen van verschillende kanten bekijken en met alle partijen om tafel kunt.

Opbouw van Bestuurskunde / Overheidsmanagement - Duaal

Colleges

16

klokuren per week

Zelfstudie

24

uur per week

Studiepunten

60

per jaar

Jaar 1

Bouwen aan je basiskennis

Als je straks als bestuurskundige aan het werk gaat, moet je van veel verschillende onderwerpen iets weten. Die belangrijke kennisbasis leg je in het eerste jaar van de bachelor Bestuurskunde/Overheidsmanagement. Je krijgt vakken als Politicologie, Sociologie, Bestuurskunde, Recht en Organisatiekunde. Daarnaast ga je dieper in op het vakgebied bestuurskunde. Wat houdt dit nu precies in en wat betekenen termen als sturing, beleid en openbaar bestuur?

Om de praktijk nog iets dichterbij te laten komen, gebruiken we actuele casussen en voorbeelden. Je zit niet alleen in de collegebanken maar je gaat ook zélf op pad. Langs organisaties als de gemeente Den Haag, de Tweede Kamer of ministeries. Het hoogtepunt van jaar 1 is de studiereis. Tijdens deze vierdaagse trip naar Brussel verdiep je je in het internationale werkveld van een bestuurskundige en bezoek je het Europees Parlement.

Lesrooster

Semester 1
Introductie Bestuurskunde
Bestuurskunde: Inrichting van het openbaar bestuur
Bestuurskunde: Basisbeginselen van de bestuurskunde
Economie en overheid
Politicologie
Sociologie
Studieloopbaanbegeleiding 1
Zakelijk Nederlands 1
E-governance 1
Recht in de publieke omgeving 1
Semester 2
Bestuurskunde: Internationale oriëntatie
Bestuurskunde: Maatschappelijke vraagstukken
Organisatiekunde
Studieloopbaanbegeleiding 2
Recht in de publieke omgeving 2
Zakelijk Nederlands 2
Introductie methoden en technieken
Professional English
Internationale geschiedenis
Bedrijfsvoering in publieke omgeving

Jaar 2

Kennis verdiepen

In het tweede studiejaar komen onderwerpen uit het eerste jaar van je studie weer voorbij. Nu ga je overal nóg dieper op in en maak je meer verbinding met de praktijk. Je werkt aan projecten, doet opdrachten voor echte opdrachtgevers en oefent allerlei vaardigheden aan de hand van praktijkcases. Zo laat je zien dat je kennis en vaardigheden kunt combineren en inzetten. Je leert bestuurlijk communiceren en hoe je mensen binnen een organisatie stuurt. Ook heel belangrijk zijn de studie-, beroeps- en onderzoeksvaardigheden: onderzoek uitvoeren, nota’s schrijven, discussies voeren. Om ervoor te zorgen dat mensen met je meedenken en -doen, moet je natuurlijk taalvaardig zijn. Taal is hét instrument van bestuurskundigen.

Bij alles wat je doet, verbind je de theorie die je in de literatuur leest met de praktijk: de actualiteit. De beelden die je dagelijks op tv ziet, bediscussieer je en bekijk je van alle kanten: de vluchtelingen in Europa, handelsverdragen als TTIP of de toekomst van winkelgebieden. Wat zou jíj doen als bestuurder of beleidsmaker?

Jaar 3

Minor volgen, de leerarbeidsplaats

Yes! De afgelopen twee jaar heb je op school in de collegebanken gezeten en in jaar 3 is het zover: je gaat aan de slag in de praktijk. Dat kan bijvoorbeeld bij een ministerie, gemeente of provincie, maar ook bij een woningcorporatie of het Nederlandse Rode Kruis.

Tijdens het praktische deel van de opleiding Bestuurskunde/Overheidsmanagement ontwikkel je je vier dagen per week in de praktijk op een leerarbeidsplaats (LAP). Daarnaast krijg je nog 1 dag per week onderwijs op de hogeschool. Samen met je werkgever en je docentbegeleider bekijk je welke opdrachten en projecten het beste passen bij de kennis en vaardigheden die je wilt ontwikkelen. Je tekent een contact, maar daarbinnen heb je veel vrijheid. Het vinden van een LAP doe je trouwens niet alleen. We helpen met sollicitatieadvies, -trainingen en in het contact leggen met werkgevers. Verder volg je in het eerste blok een minor, die je helemaal zelf kiest. Je kunt een minor op De Haagse volgen, maar ook op een andere hogeschool.

Jaar 4

Werken & afstuderen

In jaar 4 ontwikkel je je verder in de praktijk op een nieuwe leerarbeidsplaats en doe je praktijkgericht onderzoek. De ene dag op school krijg je vakken die je helpen bij het afstuderen. Je spijkert onderzoeks- en adviesvaardigheden bij, zodat je je onderzoek goed uitvoert en een kundig advies geeft. Daarnaast zit je in een afstudeerkring met andere studenten. Hier deel je je werkervaringen en help je elkaar met je afstudeeropdracht. Deze afstudeeropdracht bestaat uit een onderzoeksrapport en een adviesrapport. Je onderzoekt een probleem uit de praktijk en brengt hierna een advies uit voor een echte opdrachtgever.

Minors

Je studie samenstellen

Veel van de studie staat al vast. Maar een deel kies je helemaal zelf: de minors. Dit zijn keuzemodules waarmee je je opleiding een persoonlijk tintje geeft. Alles kan. Een verdiepende minor waarmee je jezelf specialiseert in je vakgebied. Of juist een verbredende minor, waarmee je even helemaal buiten de studie stapt. Zoals Spaans als je graag naar het buitenland wilt. Naast je minor heb je veel vrijheid in je leerarbeidsplaats (LAP). Als je je bij een gemeente wil ontwikkelen, dan kan dat. Of bij een politieke partij, een woningbouwcorporatie of het Rode Kruis. Veel is mogelijk.

Werkvormen

Colleges, workshops, leerkringen, consultmomenten

Hoe het écht in de praktijk is. Dat wil je het liefste weten als je net aan een studie begint. Die eerste 2 jaar van de duale opleiding Bestuurskunde/Overheidsmanagement krijg je veel colleges op school. Vaak hoor- en werkcolleges. Van docenten, maar óók van gastsprekers. Juist, mensen uit de praktijk. Beleidsmakers, projectmanagers, ambtenaren, mensen die weten hoe het eraan toe gaat. Naast de colleges ga je soms in groepjes aan de slag met opdrachten, bij workshops en projecten. Je schrijft een beleidsstuk of geeft organisatieadvies. Wat je leert, zet je dus gelijk in. En in de jaren 3 en 4 zit je, naast je leerarbeidsplaats, op school in een leerkring met andere studenten. Hier geef je elkaar advies. Zit je een beetje vast? Bespreek dit met je mentor of tutor. Tijdens de jaren 3 en 4 heb je veel consultmomenten met je begeleider op je werk en de leerkringbegeleider. Zo kom je er altijd weer uit.

Contact met de opleiding

Vragen over toegangseisen, instromen en studeren bij Bestuurskunde/Overheidsmanagement? Neem voor meer informatie contact op met de eerstejaars-coördinator Merel Eggens via telefoon 070 - 445 8126  of m.eggens@hhs.nl

Hulp tijdens je studie

Studeren doe je niet alleen

Je krijgt volop hulp bij het studeren. Je volgt lessen studie- en loopbaanvaardigheden waarin je leert studeren. Ook krijg je een mentor (altijd een docent van je opleiding) die je vragen kunt stellen over je studie, je stages, je carrière en nog veel meer.

Tijdens het tweede deel van de opleiding ga je aan het werk. Dan begeleidt een docent je. Dat gebeurt binnen de leer- of afstudeerkring waarin je zit. Binnen deze groep coachen je medestudenten en jij elkaar en geef je elkaar feedback. Over je werk bijvoorbeeld, je dilemma’s, de samenwerking met collega’s en de afstudeeropdracht. En op je werk krijg je natuurlijk begeleiding van je werkgever. Mocht je langer willen praten, over een (studie)dipje, twijfels, een vervelende ziekte of iets anders, dan ben je altijd welkom bij onze psycholoog, vertrouwenspersoon, decaan of in het loopbaancentrum.

Studiepunten halen

Bindend studieadvies (BSA)

Om je studie na het eerste jaar te kunnen vervolgen, moet je 50 van de 60 studiepunten (ECTS) behalen. Daarnaast stellen sommige opleidingen extra eisen om je door te laten naar het tweede studiejaar. Bijvoorbeeld een bepaald vak dat je behaald moet hebben en dat meetelt binnen de 50-puntennorm. Dit noemen we ook wel een kwalitatieve eis. Heb je aan zowel de puntennorm als de eventueel gestelde kwalitatieve eis voldaan, dan krijg je van de examencommissie aan het einde van je eerste jaar een positief bindend studieadvies (BSA).  

Behaal je minder dan 50 studiepunten en voldoe je niet aan de eventueel gestelde kwalitatieve eis, dan krijg je een negatief studieadvies en moet je de opleiding verlaten. Daarom wordt dit advies een negatief bindend studieadvies (NBSA) genoemd.

Persoonlijke omstandigheden kunnen van invloed zijn op je studievoortgang. Denk aan ziekte of het bedrijven van topsport. Het is belangrijk dat je, wanneer dit soort bijzondere omstandigheden zich voordoen, dit meteen doorgeeft aan de examencommissie. Die kan hier vervolgens rekening mee houden bij het uitbrengen van het studieadvies.

Lees de volledige regels over het studieadvies in hoofdstuk 7 van de onderwijs- en examenregeling (OER) van jouw opleiding.

Geïnteresseerd in
Bestuurskunde / Overheidsmanagement - Duaal?

Meld je aan