Studenten nemen protocollen kindermishandeling onder de loep

Studenten van de minor (keuzevak) Jeugdhulp onderzochten in opdracht van de GGD Haaglanden of vrijwilligersorganisaties alert zijn op kindermishandeling. Herkennen ze kindermishandeling en weten ze wat ze moeten doen? Sherelyn Suares en Romy Schildmeijer vertellen over hun onderzoek bij Don Bosco zomerkampen.

werkbezoekKrikke Bij het werkbezoek van burgemeester Krikke aan De Haagse Hogeschool gaven de studenten uitleg over hun onderzoek (Sherelyn uiterst links, Romy derde van rechts).

“Het is moeilijk om ze naar huis te laten gaan,” vertelt Romy. “Aan het einde van de kampweek, staan de kinderen, ook de nukkige pubers die eerst niet zoveel van ons moesten hebben, met tranen in hun ogen als we afscheid nemen.” Romy en Sherelyn zijn vrijwilliger bij het zomerkamp Don Bosco Experience in Lelystad, waar ze ook het onderzoek naar het herkennen van kindermishandeling hebben gedaan.

Vrijwilligerswerk

Het Don Bosco kamp richt zich vooral op kinderen die vanwege financiële redenen niet makkelijk op vakantie kunnen. Sherelyn en Romy raakten bij het zomerkamp betrokken omdat de hogeschool van studenten Sociaal Pedagogische Hulpverlening verwacht dat ze minimaal 80 uur aan profileringsactiviteiten doen. Dit vrijwilligerswerk is daar uitermate geschikt voor.

Risico

Het kamp was ook geschikt voor het onderzoek. Bij de kinderen die naar het kamp gaan, is het risico op mishandeling groter. “Het kamp krijgt vrij veel kinderen vanuit Jeugdzorg en pleeggezinnen,” vertelt Romy. “Ze hebben vaak een rugzakje.” Sherelyn: “Voor ons was het reuze interessant dit onderzoek te doen omdat we zelf bij deze organisatie betrokken zijn. We kunnen iets met de uitslagen doen als we er de komende zomer weer naar terug gaan.”

Geen protocol

Sherelyn, Romy en vier medestudenten interviewden bestuursleden en medewerkers. Sherelyn: “Het bleek dat ze geen protocol hebben voor kindermishandeling en dat ze ook niet precies weten wat onder kindermishandeling valt. Het gaat niet alleen om blauwe plekken, ook om geestelijke of lichamelijke verwaarlozing. Denk aan kinderen op het kamp die geen slaapspullen meekrijgen. Don Bosco is blij met onze aanbevelingen, daar kunnen ze echt iets mee. Bijvoorbeeld dat iedere vrijwilliger een training moet krijgen in het herkennen van kindermishandeling.”

Situatie

Voor de studenten was het een leerzaam onderzoek. Romy: “Met de kennis die we nu hebben over kindermishandeling zullen straks anders op het kamp rondlopen. Terugkijkend, was er één situatie waarin we hadden moeten ingrijpen. We hadden een kind van een gezinshuis en we kregen te horen dat hij naar huis moest lopen. Ik bellen met die ouders. Die zeiden dat hij zijn fiets had moeten laten maken voordat hij op kamp ging. Ze kwamen wel de andere kinderen uit dat tehuis ophalen, maar hij moest uit principe lopen. Dat was 20 kilometer! Uiteindelijk hebben wij hem een fiets gegeven. Nu zou ik een organisatie als Veilig Thuis bellen waar je kindermishandeling kunt melden, of hen advies vragen.”