Inclusief onderwijs in het middelpunt bij #Multinclude

Gelijke kansen creëren voor alle studenten door aandacht te hebben voor ieders achtergrond. Dat is het thema van het Erasmus+ - project #Multinclude, gefinancierd door de Europese Unie en aangevraagd vanuit het lectoraat Inclusive Education. Op 16 december gaf Edward van Os, onderzoeker inclusief onderwijs, een interactieve lezing over de opbrengsten en aandachtspunten van het project, om duidelijk te maken hoe deelname aan dit project De Haagse Hogeschool kan helpen om het onderwijs in de regio inclusiever te maken.

#multinclude, studenten die elkaar omarmen

Gelijke kansen

#Multinclude is een project dat internationaal initiatieven op het gebied van inclusief onderwijs beschrijft en analyseert. Het doel? Een leeromgeving en onderwijsorganisatie creëren waar iedere student wordt gezien en telt. ‘’Bepaalde groepen worden in de samenleving buitengesloten en dit wordt gereflecteerd in het onderwijs’’, aldus Edward van Os. ‘’De manier waarop en de context waarin dit gebeurt verschilt sterk per EU-lidstaat, maar is wel overal aanwezig en is vaak gerelateerd aan waar iemand geboren is (migrantenachtergrond), gender en seksuele oriëntatie, socio-economische status en/of psychologische/fysieke beperkingen. Het is belangrijk alle studenten een passende behandeling - en dus ook onderwijs op maat- ontvangen.’’

Het project #Multinclude wordt geleid vanuit het lectoraat Inclusive Education, onderdeel van het kenniscentrum Global & Inclusive Learning van De Haagse, en is een samenwerkingsverband van zeven internationale partners (waaronder drie universiteiten). Het lectoraat Inclusive Education heeft als doelstelling om De Haagse Hogeschool te helpen zich te ontwikkelen tot een onderwijsinstelling waar iedereen zich welkom voelt en zijn of haar volle potentie tot ontwikkeling kan komen. Binnen het project zijn meer dan 70 goede voorbeelden (‘cases’) van succesvol inclusief onderwijs  gedetecteerd en geanalyseerd. Dit zijn meerendeels ‘grassroots’ initiatieven - dit betekent dat bijvoorbeeld docenten,  studenten of onderzoekers, hun initiatief “van onderaf” hebben ontwikkeld. Deze cases laten zien hoe zij binnen hun eigen werkpraktijk het heft in eigen hand namen om eerlijker kansen op het gebied van onderwijs te bieden voor iedereen.

Helpende hand

Tijdens de lezing werden een aantal voorbeelden vertoond van deze cases. Zoals ‘UniClub’: een sociaal initiatief uit Wenen dat ambitieuze vluchtelingen en migrantjongeren helpt bij het leren kennen van het Oostenrijkse onderwijssysteem en het wennen hieraan. Vrijwilligers (studenten van de docentenopleiding van de Weense universiteit) helpen de migranten met hun opdrachten en met de Duitse taal en dragen bij aan hun persoonlijke groei. Ook De Haagse Hogeschool heeft veel aandacht voor inclusief onderwijs en wil hier een koploper in zijn. Het taalexpertisecentrum bijvoorbeeld heeft daar een belangrijke rol in. Dit centrum biedt studenten o.a. taalcursussen aan, helpt studenten met hup opdrachten voor school en streeft ernaar op een toegankelijke manier te werken. Alle studenten zijn welkom, en met name studenten die extra hulp kunnen gebruiken weten de weg erheen te vinden.

Inclusieve toekomst

Den Haag is tegenwoordig een zogenaamde “majority-minority” stad. Dit betekent dat de etnische groep die van oudsher altijd de meerderheid van de bevolking heeft gevormd, inmiddels ook  een minderheid is geworden. Kwantitatieve diversiteit is echter geen garantie voor gelijke kansen in het onderwijs en op de arbeidsmarkt. De Haagse Hogeschool wil zo bewust mogelijk omgaan met de verschillende groepen in de stad, en een hogeschool zijn voor iedereen – daarom is deelname aan een project als #Multinclude van belang. Door het empoweren van ‘underserved’ (en in het hoger onderwijs ondervertegenwoordigde) groepen draagt De Haagse Hogeschool bij aan een inclusievere  samenleving.