Jonge docent was ook actief in coronaspoedpost

Toen het coronavirus wild om zich heen greep en het aantal patiënten in Den Haag piekte, stond Stefan Zwaard zijn mannetje als noodhulpvrijwilliger bij het Rode Kruis. Daarnaast gaf hij zijn docentschap bij de opleiding HBO-ICT in Delft online invulling. Nu de situatie is gestabiliseerd, vragen we de jonge docent (23 jaar) bij De Haagse Hogeschool naar zijn ervaringen als vrijwilliger én als docent op afstand.

hbo ict artikel stefan zwaard website “Ik heb een fulltime aanstelling als senior instructeur praktijkonderwijs. Gecombineerd met mijn vrijwilligerswerk heeft dat in de hectische weken die achter ons liggen soms werkdagen van 19 uur opgeleverd. Gelukkig gebeurde dat niet zo vaak. De online lessen nam ik ’s avonds op, zodat ik de volgende dag een dienst bij het Rode Kruis kon draaien. Mijn werkgever had mij gezegd dat, als de combinatie niet langer vol te houden was, ik dan de voorrang mocht geven aan mijn vrijwilligerswerk. Dat is gelukkig niet gebeurd.”

Gezichtsherkenning

Het is nog niet zo lang geleden dat Stefan Zwaard zelf student was aan De Haagse Hogeschool. “Ja, ik ben in juli 2019 afgestudeerd bij dezelfde opleiding als waar ik nu lesgeef. Mijn afstudeerstage heb ik gedaan aan de TU Delft. Op het Computer Engineering Department daar was ik betrokken bij een project waarin de TU Delft samenwerkte met het Princeton Neuroscience Institute en het Erasmus Medisch Centrum. Door distributed machine learning toe te passen, konden we software voor gezichtsherkenning trainen op gezichten van baby’s, zonder dat data werden uitgewisseld. Dan is de privacy niet langer een issue. Momenteel zijn we bezig om de resultaten van dit project neer te leggen in een paper.”

Lesgeven op afstand

“In september 2019 ben ik in dienst gekomen van De Haagse. Ik ben nu met derdejaarsstudenten bezig met realtime programmeren en computer vision. Verder doe ik met eerstejaars een softwareproject, waarin zij robots aansturen die ik voor hen in elkaar heb gezet.”
Hij ervaart wel degelijk de beperkingen van lesgeven op afstand. “Als een student een probleem heeft met zijn configuratie, kunnen we met Teams sneller schakelen dan per e-mail. Maar het wordt al veel lastiger om samen met de student een hardwareprobleem op te lossen. Veel practica met hardware proberen we op een alternatieve manier in te vullen. Dat is echt zoeken. Studenten zijn bang dat dit gevolgen zal hebben voor de voortgang van hun studie. Door de afstand is het contact met hen minder persoonlijk. Ik hoor van hen dat zij zich minder verbonden voelen met het onderwijs dat zij volgen.”

Transport van patiënten

In de hectische weken die achter hem liggen, werkte Stefan ook als Rode Kruis-vrijwilliger onder andere bij de coronaspoedpost van het HagaZiekenhuis. “Ik deed daar de eerste metingen van de mensen die lopend binnenkwamen. Als dat nodig was, hielp ik artsen en verpleegkundigen met het desinfecteren van de zorgplekken, het geven van zuurstof of andere medicatie en het aansluiten van de patiënten op de monitor. Werken in beschermende pakken was vereist, al zag je wel dat de kwaliteit en beschikbaarheid met de week afnamen.”
Intussen is de spoedpost afgeschaald. “De vrijwilligersdiensten die nu ik draai, betreffen meer het transport van mensen die waarschijnlijk met het coronavirus besmet zijn, die te zwak zijn om zelfstandig naar het ziekenhuis te komen, maar die nog wel stabiel genoeg zijn voor zittend vervoer. Dan rijden wij hen naar het ziekenhuis of naar een huisartsenpost. Ook draai ik diensten waarin ik bij de ingang van een ziekenhuis of gezondheidscentrum controleer of mensen koorts of andere COVID-19-gerelateerde klachten hebben. Als dat zo is, moeten zij naar een speciaal daarvoor ingerichte locatie zoals een coronapost.”

Jonge mensen

In hoeverre raakt het hem wat hij heeft gezien en ervaren tijdens zijn vrijwilligerswerk? “Ik kan dat wel redelijk van mij afzetten. Ik moet toegeven dat het mij wel meer raakte wanneer ik te maken kreeg met jonge mensen die voorheen heel gezond waren en die nu bijna niet meer konden praten vanwege de benauwdheid.”
“Als ik dan studenten, vrienden en familie hoor zeggen dat het voor jongeren allemaal wel meevalt, dan realiseren zij zich niet goed wat de risico’s van hun acties zijn. Al is voor hen de kans op besmetting zeker minder groot, ook zij kunnen ernstig ziek worden, daardoor permanente schade aan hun gezondheid oplopen of zelfs overlijden. Mijn advies nu de situatie verder versoepelt, is dan ook: kom nog niet massaal samen en houd je aan de richtlijnen.”