Associate lector Robert Duiveman: ‘Ik richt mij op de bestuurskundige kant van grootstedelijke vraagstukken’

Als associate lector Urban Governance is Robert Duiveman verantwoordelijk voor praktijkgericht onderzoek naar nieuwe vormen van governance rondom grootstedelijke vraagstukken. Hij maakt deel uit van het Kenniscentrum Governance of Urban Transitions dat zich breed en concreet richt op de stad. Op vraagstukken als veiligheid en woningbouw, big tech en jeugdzorg. “Die zijn heel verschillend, maar in de alledaagse praktijk van de stad liggen ze vaak dicht bij elkaar. Ik ben socioloog en bestuurskundige en richt mij als associate lector helemaal op de bestuurskundige kant van die vraagstsukken.”

robert duiveman

Robert haast zich om een concreet voorbeeld te geven van die governancekant. “Stel dat je met onderzoek de gezondheid in een wijk wilt bevorderen. Dan is het handig om eerst te onderzoeken welke partijen daarover welke beslissingen nemen. Als dat helder is, kun je gerichter aan het ‘technisch’ onderzoek beginnen.”

Uitdagende opdracht

Praktijkgericht onderzoek naar grootstedelijke vraagstukken – en voor Robert heel specifiek de bestuurskundige kanten daarvan – moet bijdragen aan de ontwikkeling van (aankomende) professionals en aan nieuwe wetenschappelijke inzichten. “Dat is een uitdagende opdracht. Die vraagt dat we kennis ontwikkelen door onderzoek te doen, maar tegelijkertijd ook netwerken opbouwen en onderhouden. Netwerken in het beroepenveld, in de wetenschap en natuurlijk binnen de verschillende opleidingen, waarmee we samenwerken.

Als associate lector speel ik een belangrijke rol in het verbinden van onderzoek dat bijdraagt aan de eerder genoemde doelen. Het is mijn ambitie om in die verbinding een meerwaarde te creëren voor de diverse netwerken waarin wij als kenniscentrum functioneren.”

Concreet onderzoek

Veiligheid, woningbouw, big tech, jeugdzorg. Hoe divers kan het zijn. En toch kunnen deze vraagstukken zomaar samenkomen in het onderzoek dat het kenniscentrum doet. “Stel dat je polarisatie in een wijk wilt onderzoeken. Voor een goede aanpak daarvan kunnen de genoemde onderwerpen gelijktijdig een rol spelen. Dat maakt het onderzoek in een kenniscentrum zo concreet. We gaan uit van de vraagstukken die ergens in de stad spelen, van de kansen die we daarin zien. En vervolgens richten we daaromheen ons praktijkgericht onderzoek in.”

De naam van het kenniscentrum – Governance of Urban Transitions – geeft daarbij direct de focus van het onderzoek. “We werken aan governance, dus de manier waarop instellingen en bewoners samen keuzen maken over het samenleven in de stad. En we werken aan transities. Dat zijn ingrijpende veranderingen die zowel een economische als een bestuurlijke en sociale impact hebben in de stad. Zo’n verandering kan te maken hebben met de energietransitie of – heel actueel – de COVID-19-pandemie.”

Stadslabs

In zijn werk is hij steeds bezig met puzzling, powering en participation. “Puzzling: ik ontwikkel bijvoorbeeld nieuwe manieren van kennis over de energietransitie. Powering: ik ontwikkel daarover nieuwe manieren van beleidsvorming. Participation: ik leg nieuwe relaties tussen de partijen die met buurthuizen te maken hebben. En dat alles buiten de gebaande paden om. De vier stadslabs die het kenniscentrum in Den Haag heeft, bieden daarvoor een ideale context. We hebben ze neergezet op plekken waar we met ons onderzoek écht vernieuwend bezig kunnen zijn: als het gaat om polarisatie in Duindorp, om energietransitie in Mariahoeve en om armoede en gezondheid in Laak.”

Ideale context voor onderzoek

Robert legt uit waarom die stadslabs zo’n ideale context bieden voor zijn onderzoek. “Neem nou de energietransitie. Als we daarover onderzoek zouden doen op de ouderwetse manier, zouden we daarover kennis ophalen uit de stad. We zouden er een verslag over schrijven en dat voorleggen aan het gemeentebestuur. Dat werkt tegenwoordig niet meer. Je wilt je kennis ontwikkelen vlak bij de uitvoering. Je wilt ook de besluitvorming dichter bij de situatie brengen. In het stadslab in Mariahoeve hebben we daar al mooie stappen in gemaakt.

Het is duidelijk dat daar tijd overheen gaat. Dan ligt het voor de hand om een langere tijd ergens aanwezig te blijven, in een stadslab. Om daar samen met alle betrokken partijen uit te vinden: wat werkt hier nou wel en wat niet? En als je dat hebt gevonden, ga je niet meteen weg uit het stadslab, maar implementeer je samen met de mensen de oplossing die je hebt gevonden.”

Puzzling, powering, participation

Verbindingen kunnen leggen is in Roberts functie belangrijk. Hij heeft dat ook gedaan voor het onderzoeksproject waarin hij samenwerkt met de Hogeschool van Amsterdam en mensen van het lectoraat Grootstedelijke Ontwikkeling. “We onderzoeken in dat project hoe zelfsturing binnen buurthuizen vorm krijgt. Ik richt mij in die samenwerking specifiek op de vraag hoe beslissingen tot stand komen, wie bepaalt wat er gebeurt en wat de doelstellingen zijn van zo’n centrum.”

Kaartje op de eerste rij

Associate lector Robert Duiveman wil graag van betekenis zijn voor docent-onderzoekers en studenten. “Als senior onderzoeker heb ik mij al ingespannen voor een sterkere relatie tussen onderzoek en onderwijs. In mijn nieuwe functie wil ik het onderwijs steeds meer betrekken bij het onderzoek naar de governance binnen de stad. Onze studenten krijgen dankzij ons onderzoek een kaartje op de eerste rij als het gaat om stedelijke ontwikkelingen die ertoe doen.

Met het overzicht dat ik als associate lector heb, kan ik betere matches maken tussen vakcoördinatoren met vragen of ideeën enerzijds en onderzoekers anderzijds. Met als doel om samen de handen uit de mouwen te steken en betrokken te zijn bij nieuwe ontwikkelingen. Door die verbindingen te leggen en volop te participeren in het onderzoek naar urban governance, is mijn werk inhoudelijk leuk en maatschappelijk waardevol.”