5 tips over mediawijsheid

De digitale samenleving biedt veel mogelijkheden. Je kunt snel en makkelijk contact houden met vrienden aan de andere kant van de wereld, je hoeft je huis niet meer uit voor de boodschappen, je werk of je studie. Om echt mee te doen met de digitale samenleving, moet je wel weten hoe je het beste kunt omgaan met media. Kortom: je moet mediawijs zijn.

5 tips over mediawijsheid Als je mediawijs bent kun je bijvoorbeeld jezelf ontplooien door een taal te leren via een app, win je tijd voor andere activiteiten door je administratie online te doen of kun je werk en gezin makkelijker combineren omdat je deels thuis kunt werken. Mediawijsheid is een vaardigheid die je kunt leren en die je kunt meten. Het gaat bijvoorbeeld over het gebruik van apparatuur en software, het vinden en verwerken van informatie en inzicht in je eigen mediagebruik. 

Stroomversnelling

Het belang van mediawijsheid was het afgelopen jaar tijdens de Covid-19 pandemie groter dan ooit en bracht de digitale samenleving in een stroomversnelling. Het verspreiden van nepnieuws, met name over Covid-19, nam toe en er kwam meer en meer aandacht voor een gezonde balans tussen de online en offline wereld. Om het thema extra aandacht te geven, organiseert het Netwerk Mediawijsheid jaarlijks de Week van de Mediawijsheid. Die vindt dit jaar plaats van 6 t/m 13 november en heeft als thema ‘Samen sociaal online’.

5 tips

Docent-onderzoeker Jos van Helvoort van het lectoraat Duurzame Talentontwikkeling doet onderzoek naar een onderdeel van mediawijsheid, namelijk het herkennen van nepnieuws door jongeren. Uit het onderzoek blijkt dat aandacht voor mediawijsheid in het onderwijs kan helpen om jongeren mediawijs te maken. Welke tips heeft Jos voor docenten die studenten mediawijzer willen maken?
  1. Laat studenten zelf experimenteren met het retoucheren of manipuleren van een digitale foto. Behalve Photoshop zijn hiervoor ook gratis online tools beschikbaar als PIXLR of Cleanup.pictures. Zo leren ze hoe eenvoudig het is om een foto aan te passen. En dus ook hoe makkelijk het is om nieuwsfeiten te manipuleren en te delen.
  2. Laat studenten in een actuele krant of op een nieuwssite zoeken naar grafieken die bewust ‘afgekapt’ zijn om het beschreven effect groter te laten lijken dan het daadwerkelijk is.
  3. Vraag studenten om op hun mobiele telefoon de notificaties van WhatsApp uit te zetten, en weer aan. Zo leren ze om zelf controle te houden over hun social media-gebruik.
  4. Laat studenten op internet zoeken naar een wetenschappelijk artikel waarin een verband wordt aangetoond tussen het BMR (bof, mazelen, rodehond) vaccin en de aandoening autisme.
    Tip: de oorspronkelijke bron is een artikel uit The Lancet dat inmiddels 3868 keer is geciteerd (Google Scholar). Wat is de betekenis in dit geval van dat hoge aantal citaties?
  5. Laat studenten onderzoek doen naar de vraag waarom De Haagse Hogeschool naast Studentennet ook een kanaal aanbiedt op bijvoorbeeld Instagram. Wat zijn de verschillen tussen die twee kanalen, qua content, betrouwbaarheid en relevantie voor hun studie?

Meer weten?