‘Ik ben altijd een mijnenveld aan het bewandelen’

Al sinds de jaren 90 speelt het politieke en maatschappelijke debat over de islam. Een debat dat gekenmerkt wordt door polarisatie en scherpe tegenstellingen. Gert Jan Geling docent Integrale Veiligheidskunde aan De Haagse, redigeerde samen met arabist Jan Jaap de Ruiter van Tilburg University een bundel over het islamdebat in Nederland.

Gert Jan Geling docent IVK In het boek ‘Wordt het nog wat met het islamdebat?’ geven vijftien prominente deelnemers aan het debat hun visie over de wijze waarop het islamdebat in Nederland gevoerd wordt. Dinsdag 25 september is het boek in de Speakers' Corner van De Haagse gepresenteerd en zijn kopstukken van het islamdebat met elkaar in gesprek gegaan.

In de inleiding van uw boek schrijft u dat de opzet was om een zo groot mogelijke diversiteit aan visie over het islamdebat te bundelen. Tegelijkertijd geeft u aan dat die opzet niet is gelukt, omdat veel linkse kopstukken weigerden mee te werken.
Gert Jan Geling: “Beiden zijn we al lang actief in dit debat en constateerden we dat scholen in het debat met min of meer dezelfde overtuiging wel met elkaar samenwerken, maar dat een echt debat, laat staan een samenwerking, tussen verschillende scholen niet bestaat. We wilden die polarisatie overbruggen en hebben daartoe een podium geboden in de vorm van dit boek.”

Maar die opzet is dus maar deels geslaagd?
 “Helaas missen we inbreng van het linkse en islamitische spectrum, zoals imams of vertegenwoordigers van de vrouwenbeweging. Zij weigerden mee te werken, omdat een aantal rechtse sprekers ook een bijdrage leverden.”

Is dat tekenend voor het islamdebat vandaag de dag?

“Bij het linkse spectrum heerst er nog steeds een mate van politieke correctheid, met name in de wetenschappelijke kringen. Daar wordt de islam meestal benaderd vanuit positieve zaken, terwijl negatieve zaken vaak een taboe zijn. Ik noem dat een links probleem.
Aan de andere kant van het spectrum zie je tegelijkertijd radicalisering, en zelfs haatzaaien. Moslims voelen zich vaak uitgesloten en een inclusief debat is niet mogelijk. Links reageert niet goed, maar rechts lokt die reactie weer uit met een radicaliserend en polariserend geluid.”

Het gevolg: preken voor de eigen parochie?
“De tegenstelling is breder ingebed in onze samenleving. Feiten worden anders benaderd door bijvoorbeeld de wetenschap en de veiligheidsdiensten. Ook de media is sterk gepolariseerd. Dan gaat het om een interpretatie van de feiten, afhankelijk welke politieke oriëntatie iemand aanhangt of met welke bril zij naar het onderwerp kijken. Er is een groot verschil of het glas half leeg of half vol is.”

Waar leidt het uitblijven van een constructief debat toe?
“Dat er veel maatschappelijke kwesties blijven spelen, zoals radicalisering, afvalligheid en discriminatie. Gelukkig wordt tegelijkertijd in Nederland de soep niet zo heet gegeten. Uiteindelijk is Nederland toch een compromisland. De wetgeving heeft de laatste jaren hooguit geleid tot een boerkaverbod. Maar in de samenleving is de tegenstelling steeds dieper ingesleten. Dat is en blijft een problematisch aspect. Met dit boek proberen wij dat constructieve debat aan te gaan. Maar ik ben altijd een mijnenveld aan het bewandelen.”