Werktuigbouwkunde - Duaal

Een productielijn ontwerpen voor bier, een brug of een luchtpomp. Een motor voor een elektrische auto of duurzame energievoorzienig voor op kantoor. Met de duale opleiding Werktuigbouwkunde kun je veel kanten op: je wordt bijvoorbeeld ontwerper van werktuigbouwkundige constructies óf je specialiseert je meer in energetische installaties. Deze richtingen zie je terug in de vakken en onderwerpen, maar jouw specialisatie hangt ook af van je werkomgeving. Je leert onderzoeken, ontwerpen en berekenen. In jaar 1 de basis, in jaar 2 ga je de diepte in, in jaar 3 kies je zelf en in jaar 4 studeer je af. En wat zo fijn is aan de duale variant: wat je op de school leert, gebruik je direct bij je werk. En andersom natuurlijk.

Opbouw van Werktuigbouwkunde - Duaal

Lesuren

12

uur per week

Zelfstudie

10

uur per week

Werkuren

24

uur per week (minimaal)

Te behalen studiepunten

60

per jaar

Jaar 1

Bouwen aan je basiskennis

Van wiskunde en 3D-modelleren tot materiaal- en productietechnologie. In dit eerste jaar komen alle belangrijke vakken in de werktuigbouwkunde voorbij. Ook leer je hoe je planningen maakt, financiën beheert en mensen aanstuurt. Je organiseert projecten van a tot z, maar natuurlijk ga ook met je handen aan de slag. Je ontdekt hoe je een robot programmeert en je hanteert een computergestuurde freesmachine, die vormen kan beitelen uit hout en metaal. Naast alles wat je op school doet, ben je aan het werk, bijvoorbeeld bij een bruggenbouwer, tuinbouwconstructeur, adviesbureau of offshorebedrijf. Wat je daar leert, regel je zelf in samenspraak met je werkgever en je opleiding. Vanaf de start van de opleiding tot en met je afstuderen werk je minimaal 24 uur per week. Tel daarbij de 12 lesuren en 10 uren zelfstudie op en je begrijpt dat Werktuigbouwkunde best een pittige studie is. Een duale studie vraagt veel, maar geeft ook veel.

Lesrooster

Blok 1
Werkend leren 1
Rapporteren en webpubliceren
Wiskunde 1A
Productietechniek 1
Materiaaltechnologie 1
Blok 2
Werkend leren 2
Ontwerpen 1A
Wiskunde 1
Mechanica 1
Blok 3
Werkend leren 3
Communicatieve vaardigheden
Ontwerpen 1B
Programmeren en systeemkunde
Energieleer 1
Blok 4
Werkend leren 4
Communicatieve vaardigheden
Wiskunde 2
Mechanica 2
Machineonderdelen en onderhoud
Sleep opzij

Jaar 2

Kennis verdiepen

Vanaf dit tweede jaar van de bachelor Werktuigbouwkunde ga je nog dieper op de onderwerpen in, bijvoorbeeld met energietechniek, productietechniek, 3D-ontwerpen of systeemkunde. Onderzoeken, ontwerpen en rekenen lopen als een rode draad door de hele studie. Bedenk maar eens: als je een mechanische constructie wilt ontwerpen, zoals een fietsbrug, dan moet je wel eerst onderzoek doen. Waar moet de brug komen? Wat is het doel van de brug? Hoe ziet die fietsbrug er precies uit? Welk moertje komt waar? Je leert hoe je producten, processen of constructies tekent en hoe je kunt ontwerpen terwijl je tekent. En niet te vergeten: de kritische berekeningen. De rekensommen. Energietechnici berekenen vooral energiebalansen. Voor een constructeur gaat het om krachten, bewegingen en vervormingen. Natuurlijk leer je, net als in het eerste jaar, heel veel op je werk. Of het nu tekenen of ontwerpen is, veel van wat je bestudeert, gebruik je direct bij je werkgever. Duaal leren is een supersnelle manier van leren.

Jaar 3

Specialisatie

In jaar 3 ga je je nog verder verdiepen en voorbereiden op je specialisatie. Om je goed voor te bereiden op de minors in jaar 4 en je afstuderen, kun je je op je werk al specialiseren. Bijvoorbeeld in de richting van Constructeur. Dan word je ontwerper en bouwmeester van werktuigbouwkundige apparaten of constructies. Je ontwerpt en bouwt later bijvoorbeeld gasturbines, luchtpompen, bruggen of hijskranen en gebruikt je fantasie, creativiteit én de wetenschap om je ontwerpen in het echt te laten verrijzen. Kies je voor de richting Energietechnicus, dan ontwerp je energetische producten of processen. Denk aan een warmtepomp, verbrandingsmotor of aan de energievoorziening van een tuinbouwkas, kantoorgebouw of een windmolenpark. Daarbij probeer je ook altijd aan het milieu te denken: duurzaamheid is een belangrijk onderwerp bij de opleiding Werktuigbouwkunde.

Jaar 4

Minors en afstuderen

Jaar 4 staat helemaal in het teken van minors en afstuderen. Je specialisatie zie je vooral in de minorkeuze terug. Afstuderen doe je bij de duale opleiding Werktuigbouwkunde in Delft op je werk.. Het afstudeeronderwerp kies je zelf, samen met de opleiding en je werkgever. Wel valt het onderwerp altijd binnen je specialisatie. Als toekomstige energietechnicus ontwerp je bijvoorbeeld een zuinige aardgasauto en als constructeur een hijskraan die op de millimeter nauwkeurig loodzware windmolens op de bodem van de zee zet. Of misschien stort jij je tijdens je afstuderen wel volledig op de robotica. Stel dat een booreiland zinkt en er vanwege een olielekkage geen duikers naartoe kunnen? Zou jij dan niet de bedenker willen zijn van een hightech onderwaterrobot die dat wél kan.

Minors

Je studie samenstellen

Een deel van de studie vul je zelf in dankzij de minors. Je selecteert de minorvakken zelf, soms in overleg met je studieloopbaanadviseur. Misschien wil je wel een minor over duurzame energie volgen. Je verdiept je in de ideologie achter duurzaamheid en leert veel over nieuwe methodes om energie op te wekken. Denk aan biobrandstoffen, zoals aardgas en zelfs plantaardige olie ter vervanging van diesel. Met een verbredende minor over bijvoorbeeld digitale communicatie en sociale media, neem je juist een kijkje in een ander vakgebied en word je een allround werktuigbouwkundige. Wil je later doorstuderen? Kies dan voor een doorstroomminor van de TU Delft. Die bereidt je voor op een universitaire masteropleiding Werktuigbouwkunde of Maritieme Techniek. Zelfs het buitenland is mogelijk. Je moet dan wel zelf regelen dat de minor te combineren is met je werk.

Werkvormen

Practica, instructie-uren, kennislessen

Bij de duale opleiding Werktuigbouwkunde in Delft leer op twee manieren: op school en tijdens je werk. Alles wat je op school leert, kun je gelijk inzetten op je werk. Op school krijg je les in klassen, waar je alleen of in kleine groepjes aan practica werkt. Je leert dus door te doen. En voor de echte techfreaks: je hebt de beschikking over de modernste apparatuur en de nieuwste technieken, of je nu tekent of programmeert. Tijdens de instructie-uren krijg je te horen wat je precies moet doen en hoe je het aanpakt. Theoretische kennis doe je op bij de kennislessen en competenties train je op je werk. Samen met je begeleider van school en je werkgever bepaal je ieder halfjaar welke competenties je wilt oefenen en welke projecten je daarvoor uitvoert. Ieder halfjaar sluiten we hiervoor een leercontract af en je resultaten neem je op in een digitaal portfolio.

Contact met de opleiding

Je vragen over toegangseisen, instromen en studeren bij Werktuigbouwkunde mail je via p.c.h.souren@hhs.nl naar Paul Souren.

Hulp tijdens je studie

Studeren doe je niet alleen

Zit je even vast of heb je vragen over je studie? Je krijgt volop hulp bij het studeren. Zo maak je aan het begin van je opleiding kennis met je studieloopbaanbegeleider. Dat is altijd een docent van je opleiding. Bij hem of haar kun je terecht voor vragen over je studie, je werk, je carrièrekansen en meer. Ook volg je lessen studieloopbaanbegeleiding, waarin je leert studeren. Mocht je langer willen praten, bijvoorbeeld omdat de combinatie studie, werk en privé je best zwaar valt, dan ben je welkom bij onze psycholoog, vertrouwenspersoon of decaan.

Studiepunten halen

Bindend studieadvies (BSA)

Indien je ongeschikt bent voor het volgen van de opleiding van je keuze, dan zal het lastig worden om de studie succesvol te kunnen afsluiten. Om dit te beoordelen is er in het eerste jaar van je studie (propedeutische fase) een studievoortgangsnorm waar je aan dient te voldoen. Indien je minimaal 50 van de 60 studiepunten (en een eventuele kwalitatieve eis) hebt behaald, krijg je van de examencommissie een positief studieadvies en kun je de studie vervolgen. Behaal je minder dan 50 studiepunten, dan krijg je een negatief studie advies en moet je de opleiding verlaten. Daarom wordt dit advies een negatief bindend studieadvies (NBSA) genoemd.

De examencommissie houdt bij elk advies rekening persoonlijke omstandigheden. Er kunnen zich bijzondere persoonlijke omstandigheden voordoen, je bent ziek geweest of je bedrijft topsport, waardoor je niet goed hebt kunnen studeren. In dat geval kan de examencommissie bij het uitbrengen van het studieadvies hiermee rekening houden en jou een uitgesteld advies geven. Dat betekent dat je voorlopig kunt doorstuderen en dat het studieadvies later, eventueel met aanvullende gestelde voorwaarden, wordt uitgebracht. Het is belangrijk dat je, wanneer de bijzondere omstandigheden zich voordoen, dit meteen doorgeeft aan de examencommissie.

Tenslotte: elke student is zelf verantwoordelijk voor zijn of haar studievoortgang. Trek dus op tijd aan de bel en neem contact op met je SLB-er, als het niet gaat zoals zou moeten. Lees de volledige regels en alle eisen voor het BSA in hoofdstuk 7 van de onderwijs- en examenregeling (OER) van jouw opleiding.


Geïnteresseerd in
Werktuigbouwkunde - Duaal?

Meld je aan