Wethouder Hilbert Bredemeijer bezoekt De Haagse Hogeschool

Het lerarentekort blijft een enorme zorg. Landelijk, maar zeker ook in Den Haag. Gemiddeld is dat tekort in de stad opgelopen tot 15 procent. In stadsdeel Laak zelfs tot 22 procent. Alle reden voor wethouder Hilbert Bredemeijer om een bezoek te brengen aan de PABO van De Haagse Hogeschool. Om van elkaar te leren, elkaar te informeren en mogelijkheden uit te wisselen. De opleiding doet er alles aan om – in samenwerking met de Opleidingsschool – zoveel mogelijk gekwalificeerde professionals aan het Haagse onderwijsveld te leveren.

Minister De PABO is een kleinschalige opleiding binnen De Haagse Hogeschool. Studenten voelen zich er snel thuis. De docenten zijn toegankelijk. Iedere student heeft een eigen studieloopbaanbegeleider, met wie zij of hij – ja, er zijn zeker ook jongens die de PABO volgen – gesprekken voert over het studieverloop en de studie-ervaringen. De opleiding is recent in 2020-2021 geaccrediteerd voor deeltijd en voltijd en dus kwalitatief op orde. Maar daarmee is het lerarentekort niet opgelost. Voor een aantal aspecten is echt meer nodig dan een prima opleiding.

Geef ons goede leraren

De sfeer tijdens het bezoek van wethouder Hilbert Bredemeijer is informeel. Zijn belangrijkste taak is het terugdringen van het lerarentekort in Den Haag. Daarvoor is hij regelmatig in gesprek met minister Slob, met schoolbesturen en nu met de PABO aan de hogeschool waar hij zelf de opleiding Communicatie met succes heeft afgerond. Twee van zijn beleidsmedewerkers vergezellen hem. Samen gaan ze graag het gesprek aan met een vertegenwoordiging van de staf en studenten van de PABO.
Bredemeijer: “Het is zo dat lesgeven in de grote stad veel van de studenten vraagt. Ik hoop dat De Haagse Hogeschool ons Haagse onderwijs kan voeden met goede leraren. Natuurlijk gaan de studenten die hier afgestudeerd zijn alle kanten op, maar het zou toch heel mooi zijn wanneer we velen van hen hier in Den Haag aan het werk kunnen helpen.”

Rijke leeromgeving

De voltijdopleiding heeft een nieuw onderwijsprogramma. Docenten geven aan de hand van thema’s vorm aan samenhangend onderwijs. Studenten krijgen elke vijf weken integraal les rond een specifiek thema als pedagogisch klimaat, omgaan met verschillen of de oriëntatie op het beroep van leerkracht. De voltijdopleiding heeft de thema’s ontwikkeld in samenwerking met de basisscholen in de regio Den Haag. De theorie sluit dus naadloos aan op de praktijk. Opleidingsmanager Anna Smit: “Het voltijdprogramma is zo krachtig door het grote praktijkgedeelte en de integratie van theorie en praktijk. Daar geloof ik in. Studenten lopen al vanaf jaar 1 stage en blijven dat doen tijdens hun studie.”
De opleiding participeert in de Opleidingsschool Zuid-West Holland, samen met 4 schoolbesturen. De PABO-studenten worden hier voor een belangrijk deel op de werkplek opgeleid. Deze werkplek is een rijke leeromgeving voor zowel de onderwijsprofessionals als de studenten. Studenten uit verschillende leerjaren vormen samen met een schoolopleider en een instituutopleider een kernteam. In zo’n kernteam leer je van en met elkaar.

Imago vakgebied verbeteren

Lara Grootenboer en Bente van Haperen zijn allebei tweedejaarsstudent voltijd. Ze zijn enthousiast over hun opleiding. Toch was voor beiden de PABO niet hun eerste studiekeuze. Michel Hogenes, coördinator internationalisering bij de PABO, vindt dat tekenend. “Waarom hebben zij niet gelijk voor de PABO gekozen? Dat heeft met imago te maken. Landelijk moet er veel meer gedaan moet worden om het imago van het beroep te verbeteren.”

Pionieren

Om het onderwijsaanbod zo passend mogelijk te maken voor een zo breed mogelijke doelgroep, heeft de PABO naast de voltijdopleiding ook een flexibele deeltijdopleiding en een onderwijstraject voor zij-instromers. Brenda van de Fliert coördineert die twee varianten.
“In de flexibele deeltijd-variant volgen studenten in de leeftijd van 18 tot 55 jaar 2 avonden per week de opleiding. Daarnaast lopen ze stage. Ze plannen zelf hoe snel ze de studie doen. Met de flexibele deeltijd zijn we binnen Nederland aan het pionieren. In deze variant hebben we in februari een tweede instroommoment.
De zij-instromers hebben allemaal een afgeronde hbo- of academische opleiding achter de rug. Zij beginnen aan de studie nadat zij een basisschool hebben gevonden die hen wil plaatsen en nadat ze goed door een geschiktheidsonderzoek zijn gekomen.”

Scholen vinden

Over de instroom van nieuwe kandidaten heeft Brenda niet te klagen. “Gisteren zijn we met meer dan 30 nieuwe zij-instromers gestart. We willen zo min mogelijk nee verkopen aan basisscholen en aan de kandidaten zelf. Schoolbesturen kampen met grote tekorten. Vraaggestuurd willen we op korte termijn nieuwe instroommomenten creëren, mits we aanmeldingen hebben. Vanuit De Haagse Hogeschool bieden we kandidaten voor de zij-instroom 30 coachingsuren per jaar aan om die begeleiding goed op orde te krijgen.”
Precies op dat punt wringt de schoen, zegt zij-instromer Maaike de Vos. “Het vinden van een basisschool is voor iedere zij-instromer een grote hobbel. Ik heb gelukkig een school kunnen vinden, maar er zijn medestudenten die geen school kunnen vinden, omdat op veel scholen – uit nood geboren – onderwijsassistenten voor de klas staan. Zij hebben niet de bevoegdheid om ons te begeleiden.”

Onderwijsassistenten

Hogeschooldocent Corine Barendregt stipt nog een ander probleem aan, dat alles te maken heeft met het grote lerarentekort. “De nood op de scholen is hoog. Studenten ervaren in het tweede jaar al dat scholen aan hen trekken om onderwijsassistent te worden. Als onderwijsassistenten krijgen ze weinig begeleiding. Die begeleiding is erg belangrijk om jezelf als leerkracht te ontwikkelen naast het onderwijs op de pabo. Wij dringen er bij onze studenten op aan om vooral de opleiding af te maken.”

Gezamenlijke opgave

De oplossing van het lerarentekort is een gezamenlijke opgave van de schoolbesturen, het rijk, de gemeente en de lerarenopleidingen. De PABO aan De Haagse Hogeschool laat zien dat het haar aan inventiviteit niet ontbreekt. Opleidingsmanager Anna Smit: “We willen graag de instroom en doorstroom verhogen van mbo-studenten en hun een passende route aanbieden. Die kan korter zijn, maar dat hoeft niet per se. Belangrijk is wat de mbo-student nodig heeft. Dat geldt ook voor studenten van de havo of andere vooropleidingen.”
Daarbij is de PABO bezig om te kijken wat zij in het huidige voltijdprogramma kan doen. Anna Smit: “Kunnen studenten eventueel versnellen of hebben ze een andere focus nodig? Meer focus op de theorie of juist meer focus op de praktijk? Verder is er ook een route in ontwikkeling waarin studenten een gecombineerde bevoegdheid voor PABO en HALO kunnen halen. Met de opleidingen Social Work en Pedagogiek wordt de samenwerking gezocht door onderwijs uitwisselbaar te maken. Dat alles om – met behoud van kwaliteit – langs diverse routes goede mensen aan het basisonderwijs te leveren.”
Faculteitsdirecteur Marjolein Moonen is dan ook trots op hetgeen de docenten en het werkveld gezamenlijk hebben bereikt. “Innoveren doen we samen en dit heeft in heel korte tijd prachtige initiatieven opgeleverd”.

“Wij nemen hiervandaan veel huiswerk mee,” zegt wethouder Hilbert Bredemeijer wanneer hij na ruim een uur weer uit de hogeschool vertrekt.