Promoveren op het milieuvluchtelingenvraagstuk

Vluchtelingen. Dan denk je aan Syrië en Soedan. Landen verscheurd door oorlog. Op die mensen heeft het Vluchtelingenverdrag betrekking. Maar daarin worden milieuvluchtelingen niet gekend. Hoe deze groeiende groep mensen binnen het bestaande recht toch beschermd kunnen worden, onderzocht Jolanda van der Vliet, docent internationaal en immigratierecht aan De Haagse Hogeschool. Op donderdag 7 mei promoveerde zij op dit onderzoek.

Portret van een vrouw in traditionele kleding van de Turkana-stam

Ze moeten vluchten, omdat hun eilandstaat wegzinkt. Of omdat het land waar ze altijd hebben gewoond en gewerkt te droog en te heet is geworden. Jolanda van der Vliet: “Als je dan kijkt naar het recht, dan zegt het Vluchtelingenverdrag: u bent niet op de vlucht voor oorlog, dus u moet worden aangemerkt als economisch migrant. Milieuvluchtelingen voldoen vaak niet aan de voorwaarden om gezien te worden als regulier migrant. Zij vallen tussen de wal en het schip. Ik heb gekeken hoe deze mensen toch beschermd kunnen worden binnen de al bestaande internationale regels. Dat laatste is belangrijk, omdat politiek gezien heel weinig animo bestaat om nieuwe regels te maken voor een nieuwe categorie vluchtelingen.”

Op tijd helpen
Haar onderzoek is maatschappelijk uiterst relevant. Op wereldschaal is het aantal milieuvluchtelingen nu al groter dan het aantal oorlogsvluchtelingen. “Maar zij krijgen niet de aandacht die ze verdienen, omdat ze migreren binnen hun eigen land of naar het buurland. Ver van onze grenzen. Ik betoog in mijn onderzoek dat het wel heel laat is om ze pas een goede juridische bescherming te geven wanneer ze aan de grenzen van Europa staan.”

Juist bij het milieuvluchtelingenvraagstuk is het de eigen overheid die al aan de voorkant iets kan doen tegen milieudegradatie. Bomen planten en irrigeren tegen verwoestijning. Dijken bouwen tegen verzakkend land. Alleen hebben de landen die daardoor getroffen worden vaak zelf niet de technische en financiële mogelijkheden. Zij zullen vroegtijdig daarbij geholpen moeten worden.”

Vluchtelingenkamp Kenia
Vluchteling en niet-vluchteling. De definitie kan het verschil uitmaken tussen leven en dood. Jolanda van der Vliet heeft dat zelf ervaren toen zij na haar studie vrijwilligerswerk ging doen in een groot vluchtelingenkamp in het noorden van Kenia. “De UNHCR zorgde ervoor dat de 70.000 mensen in dat kamp te eten en te drinken kregen. Wat mij toen enorm trof, was dat de lokale nomaden buiten het kamp omkwamen van de dorst, omdat zij níet als vluchteling werden aangemerkt.”

Hybride benadering nodig
Jolanda keek vanuit drieërlei perspectief naar het milieuvluchtelingenvraagstuk: de mensenrechten, het veiligheidsvraagstuk bij migratie en het aansprakelijkheidsvraagstuk. “Elk van deze benaderingen resoneert bij een bepaalde politieke richting. Maar nooit bij dezelfde richting. Daarom moeten we komen tot een hybride benadering. We hebben alle drie de benaderingen nodig. Mondiaal is er geen instantie die de regie neemt hierover. VN-organisaties hebben vaak maar een beperkt mandaat. De Algemene Vergadering heeft niet de macht en de middelen om er iets aan te doen. En de slachtoffers durven niet naar het Internationale Hof te gaan om grote landen aan te klagen, omdat ze van die grote landen afhankelijk zijn.”

Voldoende aanknopingspunten
“Mijn onderzoek biedt meer inzicht in de juridische beperkingen van vandaag. Het biedt voldoende aanknopingspunten om milieuvluchtelingen binnen het internationale recht te beschermen. Om de algemene regels zo uit te leggen dat ze van toepassing zijn op deze groep. Het is in ieders belang om buiten de eigen koker te kijken en te handelen.”

“De groep van milieuvluchtelingen is heel breed. Wie zijn eiland ziet wegzinken in de oceaan heeft een andere behoefte dan wie zijn land onleefbaar ziet worden door hitte en droogte. Maar ik hoop dat deze studie straks ertoe mag bijdragen dat iedere casus herleid kan worden naar een stukje van het internationale recht. In principe kan dat richting geven aan iedere casus, mits milieuvluchtelingen als reguliere vluchtelingen worden erkend.”